BannerVersierdeTegel

Jachtscène op een versierde tegel

  • Object

In Ieper zijn al verschillende versierde vloertegels teruggevonden. Die slibversierde tegels zijn telkens gemaakt volgens een productieproces dat over het volledige graafschap Vlaanderen en zelfs Frankrijk en Engeland vrij uniform was.

Figuur 1: Versierde tegelvloer aangetroffen in de Diksmuidestraat

Grondstof en vormgeving

De basisgrondstof voor die tegels bestaat uit lokale klei. In Ieper wordt daarvoor de gezuiverde Ieperiaanse klei gebruikt, vermengd met zand. Dat zorgt voor een fijn baksel zonder al te grote inclusies. Vervolgens druk je de klei met de hand in een vorm, waarna het overtollige materiaal wordt verwijderd. In sommige baksels is door dat aandrukken een soort van gelaagde structuur te herkennen. Door de mal of vorm hebben de tegels min of meer hetzelfde formaat. De lengte varieert tussen 11 en 13 cm en de dikte tussen 2 en 2,5 cm. Belangrijk om op te merken: de tegels gevonden bij de opgravingen van de Verdronken Weide of de Sint-Michielsparochie zijn met 1,5 cm opvallend dunner.

Voorlopig werden nog geen andere formaten aangetroffen in Ieperse opgravingen.

Figuur 2: Tegel 25 met een jachtscène aangetroffen in de proosdij van de Sint-Maartensabdij

Motieven

Op de tegels zijn verschillende motieven te herkennen. Hierboven lichten we er eentje uit. Bij de opgravingen op het Sint-Maartensplein wordt in de voormalige proosdij van de Sint-Maartensabdij een tegel gevonden met een jachtscène op. Je ziet een ree met een jachthond. Zo'n tegel is ook bij één van de tegelvloeren in de Lombaardstraat aangetroffen. Daar werd het motief tweemaal in éénzelfde vloer gebruikt. Andere tegels in de proosdij kennen onder meer zoömorfe decoratiepatronen (zoals een naar rechts kijkende leeuw, twee vogels die van elkaar weg kijken), tegels met florale en geometrische motieven en tegels van mensen of menselijke activiteiten, zoals een ruiter te paard of een menselijk hoofd met een brede halsketting die omgeven wordt door een dubbele boog.

Versiering

Eens de tegel in de vorm is geplaatst, kan je nadenken over de versiering en het glazuren. Decoratie bestaat immers uit slibversiering en/of glazuren. Er zijn in Ieper zowel geglazuurde als ongeglazuurde tegels teruggevonden en zelfs tegels met ingestempelde motieven. Die zijn in de literatuur gekend als slibtegels, stempeltegels of incrustatietegels.

De meest eenvoudige geglazuurde tegels zijn versierd met een loodglazuur en hebben een doorzichtige tot groene en zwarte kleur na het bakken. Nog andere tegels worden dan weer eerst voorzien van een sliblaag vooraleer er glazuur wordt op aangebracht. Zo krijgt de slibversiering een gelige kleur.

Stempeltegels tenslotte worden vervaardigd op twee verschillende manieren. De oudste techniek bestaat uit het aanbrengen van een motief met behulp van een stempel. Nadien wordt de vrijgekomen ruimte opgevuld met witte klei. De omgekeerde techniek, waarbij de achtergrond wordt ingestempeld en het motief in reliëf overblijft, komt minder frequent voor. De tweede techniek bestaat uit zeer ondiepe tegels, soms zelf maar 1 mm dik, die opgevuld worden met een wit slib. De decoratiepatronen zijn divers: florale en geometrische motieven, dieren en fabelwezens. Menselijke figuren daarentegen zijn eerder uitzonderlijk, behalve ridders te paard.

Daarna wordt de tegel gedroogd, geglazuurd en uiteindelijk gebakken.

Voorkomen

In Ieper werden de laatste jaren op verschillende plaatsen versierde tegels teruggevonden. Vaak gaat het om losse tegelfragmenten, zoals bij de Sint-Jacobsstraat 2-4, Sint-Jacobsstraat 22-24 en de Meersen (Sint-Niklaasparochie). Maar uniek in Ieper is dat er op verschillende plaatsen vloertegels in situ, op de echte plaats, zijn gevonden.

Zo'n tegels of tegelvloeren worden meestal verbonden met religieuze gebouwen, maar in Ieper zijn ze dus al op verschillende plaatsen in een niet-religieuze context aangetroffen. Bij opgravingen in onder meer de Verdronken Weide, Lombaardstraat, de Lovie, de Appèlstraat, de Diksmuidestraat, de Elverdingestraat en het Sint-Maartensplein is dat dat het geval.

Daarnaast worden tegelvloeren vaak aangetroffen rondom een haardvloer. Dat wijst op een centrale haard, waarbij de rook naar buiten gaat door een opening in het dak. Centrale haardplaatsen komen voor in de houten woningen, die vaak vrij eenvoudig gebouwd zijn. Het is pas in de loop van de tweede helft van de 14e eeuw dat de centrale haard verplaatst wordt naar één van de wanden. Dat luidt het begin van het versteningsproces van de huizen in. De meeste van die tegelvloeren dateren dan ook uit de 13e en het begin van de 14e eeuw.